Circulair slopen klinkt goed. Maar wat kóst het nou echt? En wat levert het op, in euro’s én in CO₂? Om die vraag hard te kunnen beantwoorden, wordt binnen de Circulaire Deal Secundaire Bouwmaterialen een doorrekenmodel gebruikt. Het maakt de businesscase van circulair slopen zwart-op-wit zichtbaar. En dat blijkt vaak een aangename verrassing.
Waarom een doorrekenmodel?
Bij traditionele sloopprojecten ligt de nadruk op kosten, tijd en technische haalbaarheid. Circulariteit is nog te vaak het ondergeschoven kindje, simpelweg omdat opdrachtgevers geen eenduidige manier hebben om circulaire inspanning te waarderen. Het doorrekenmodel neemt die drempel weg. Het vertaalt hergebruik en materiaalscheiding naar concrete cijfers waar iedereen, opdrachtgever, aannemer én bestuurder, mee kan rekenen.
Hoe werkt het?
Het model zet twee scenario’s naast elkaar: traditioneel slopen versus circulair slopen. Per project worden vier bouwstenen in kaart gebracht:
- Sloopkosten – de directe kosten van de sloopwerkzaamheden.
- Opbrengsten van herbruikbare materialen – wat leveren bakstenen, hout, kozijnen of bestrating op als ze een tweede leven krijgen?
- Besparing op stortkosten – minder afval betekent lagere afvoerkosten.
- Milieu-impact – uitgedrukt in een MKI-waardering (Milieu Kosten Indicator) en een CO₂-besparing in tonnen.
De MKI-waarde wordt berekend met de Gunningstool van de Stichting Veilig en Milieukundig Slopen (SVMS). De CO₂-waarde is gebaseerd op de gestandaardiseerde Europese database Ökobaudat. Zo staat het model op erkende, onafhankelijke fundamenten.
Wat laat het model zien?
Uit tientallen doorrekeningen van circulaire sloopprojecten komt een duidelijk patroon naar voren: circulair slopen is gemiddeld iets goedkoper dan traditioneel slopen. Dat komt vooral door de opbrengst van herbruikbare materialen en de lagere stortkosten. En dan is de milieuwinst nog niet eens meegenomen.
Bij het GGZ Zorggebouw in Heiloo bijvoorbeeld leverde het doorrekenmodel deze uitkomst op:
- € 45.000 besparing op sloopkosten
- 120 ton minder CO₂-uitstoot
- inclusief CO₂-waardering, een totale winst van circa € 150.000.
5 voordelen van het doorrekenmodel
- Het maakt de businesscase objectief. Geen aannames of onderbuikgevoel meer, maar een cijfermatige vergelijking tussen traditioneel en circulair slopen. Dat helpt bestuurders én financiële afdelingen om de knoop door te hakken.
- Het waardeert milieuwinst in euro’s. Door CO₂ en MKI te vertalen naar euro’s wordt duurzaamheid ineens tastbaar. Milieuwinst is niet langer een ‘plus’, maar een harde variabele in de businesscase.
- Het is gebaseerd op erkende standaarden. De rekenmethode sluit aan bij Europese CO₂-berekeningen (Ökobaudat) en de Gunningstool van SVMS. Dat betekent: geen losse rekensom, maar een aanpak die verifieerbaar en vergelijkbaar is.
- Het versnelt circulair opdrachtgeverschap. Gemeenten, zorginstellingen en woningcorporaties kunnen met de uitkomsten sturen op circulaire prestaties in hun aanbestedingen. Zo wordt circulair slopen langzaam de norm in plaats van de uitzondering.
- Het bouwt regionaal leervermogen op. Elke doorrekening voegt kennis toe aan de gezamenlijke praktijk. Hoe meer projecten worden doorgerekend, hoe scherper we in beeld krijgen welke materiaalstromen, ketenpartners en werkwijzen écht renderen. Precies waar Circulaire Bouwkracht NHN op inzet.
En nu?
Ben je opdrachtgever van een sloopproject in Noord-Holland Noord? Overweeg dan om een doorrekening op te laten stellen. Je krijgt een helder beeld van de financiële én milieu-impact van je keuzes, nog vóórdat de eerste steen valt. Circulaire Bouwkracht NHN helpt je op weg: met kennis, praktijkvoorbeelden en verbinding met de juiste partners. Mail naar communicatie@circulairebouwkracht.nl.
De doorrekeningen binnen de Circulaire Deal Secundaire Bouwmaterialen worden uitgevoerd door Meijs Ingenieurs, op basis van projectgegevens van sloopaannemer en opdrachtgever. De Circulaire Deal is een initiatief van Provincie Noord-Holland, Circulair Westfriesland en de Metropoolregio Amsterdam.









